Ontmoet Susan
Ze was 14 jaar oud toen ze op school hoorde van Jezus Christus. “Bij Hem wil ik horen, Hij is mijn Verlosser”, zei Aisha uit Oeganda. Vanaf die dag noemde ze zich christen, en koos ze een nieuwe naam: Susan. Haar vader schaamde zich voor de bekering van zijn dochter en nam drastische maatregelen. Susan kreeg huisarrest: zes maanden lang zat ze opgesloten in een kleine, donkere ruimte. Af en toe wist haar broertje wat voedsel en water naar binnen te smokkelen, totdat ze gered werd. Toen begon de lange weg naar herstel.
“Ik hoorde over de oneindige liefde van de Here Jezus voor ons, waardoor Hij zelfs voor ons wilde sterven. Op dat moment besloot ik: vanaf nu ben ik een volgeling van deze Jezus.” Het was maart 2010, het begin van een nieuw leven voor Susan. Een maand later ontdekte haar vader dat zijn dochter de islam had verlaten. “Mijn vader was woedend. Hij verbood mij en mijn broertje nog langer te luisteren naar het Evangelie. Hij pakte een mes, en zei: ‘Als jullie je echt bekeren tot het christendom zal ik jullie doden, op klaarlichte dag’.”
Tot moord kwam het niet. Susan werd ondergebracht in een kamertje zonder daglicht. Haar vader weigerde haar eten of drinken te geven. Omdat haar vader gescheiden was, kon Susan alleen nog rekenen op de hulp van haar broertje. Die deed wat hij kon: de jonge Mbusa verzon een plan om zijn zusje van voedsel te voorzien. Hij slaagde erin om een gat onder de muur door te graven. Af en toe vulde hij het gat met water, zodat Susan kon drinken, als een hond uit een plas. 
Na maanden van opsluiting ontdekten de buren waar Susan was. Direct waarschuwden ze de politie, die Susan bevrijdde. In al die maanden was ze zwaar ondervoed geraakt. Maandenlang was ze niet in staat geweest te bewegen, waardoor haar lichaam vergroeid en verzwakt was. Met hulp van christenen uit de buurt werd ze naar het ziekenhuis gebracht, waar ze op krachten kon komen. Ze bleek zo verzwakt dat haar benen braken op het moment dat artsen probeerden haar te helpen.
Na dertien maanden werd Susan ontslagen uit het ziekenhuis. Begin dit jaar kreeg ze langzamerhand weer gevoel in haar benen. “Er zijn veel barmhartige Samaritanen voorbij gekomen”, zegt haar voorganger. Geholpen door een vrouw uit een van de kerken in de omgeving leeft Susan nu in een gehuurd huisje. Uiteindelijk hoopt ze weer naar school te gaan. “Ik kan nu weer een pen vasthouden en schrijven. Bovendien kan ik weer zitten, al is het maar voor een uurtje.”
Susan kreeg veel hulp van christenen uit Oeganda en daarbuiten. Een vrouw uit haar omgeving liet alles achter om Susan maandenlang bij te staan. Van Open Doors ontving ze onder meer speciale voeding, kleding en studiemateriaal. Ondanks alle hulp leeft ze alleen. Haar vader wil nog steeds niets met Susan te maken hebben. Maar andersom geldt dat niet: “Uiteindelijk kan ik hem toch vergeven.”